Gebruikershulpmiddelen

NEOROMANTISCHE EN NEOCLASSICISTISCHE ONTWIKKELINGEN

Doorwerking naturalisme

Vooral de maatschappijkritische elementen komen voor in twee hoogtepunten van het naturalisme: Inwijding (1901) van Emants en De boeken der kleine zielen (1901-1903) van Couperus.

Maar er wordt in die tijd ook ander proza geschreven: neoromantisch van karakter.

Neoromantiek

Kenmerken

1. Prioriteit (= voorrang) van droom boven werkelijkheid, vaak met vage tijd- en plaatsaanduidingen, en “vlucht” in fantasie, gevoel en verleden.

2. Terugkeer van de historische roman, maar soms met wreedheid en bloeddorstigheid, en steeds zonder idealisering van het verleden, zoals in de romantiek.

Auteurs: Couperus (Psyche, Fidessa, De komedianten, De berg van licht), Arthur van Schendel (1874-1946) in zijn 'eerste periode', Aart van der Leeuw (1876-1931), Augusta de Wit (1864-1939), Jan Jacob Slauerhoff (1898-1936) en Nescio (1882-1961), wiens werk ook veel realistische aspecten vertoont.

This website uses cookies. By using the website, you agree with storing cookies on your computer. Also, you acknowledge that you have read and understand our Privacy Policy. If you do not agree, please leave the website.

More information